| Bestand |
KST125848
|
| Inhoudsindicatie | Minister Klink (VWS) gaat in op ragen en opmerkingen van de vaste commissie over samenloop van rechtssystemen, beoordeling van het gedrag van zorgaanbieders, bestuurlijke handhaving en organisatie en invoering vab de handhaving. |
| Rubriek(en) |
Gezondheidszorg Staats- en bestuursrecht Strafrecht en strafprocesrecht |
| Dossier | 31122 nr. E |
| Vindplaats | Kamerstuk 2008-2009, 31122, nr. E, Eerste Kamer |
| Afkomstig van |
|
| Publicatiedatum | 16-12-2008 |
| Datum vaststelling | 05-12-2008 |
| Datum indiening | 05-12-2008 |
| Document-id | KST125848 |
| Omvang | 9 |
| Inhoud |
31 122 Uitbreiding van de bestuurlijke handhavingsinstrumenten in de wetgeving op het gebied van de volksgezondheid E NADERE MEMORIE VAN ANTWOORD Ontvangen 5 december 2008 Met belangstelling heb ik de nadere vragen en opmerkingen van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport/Jeugd en Gezin gelezen, waartoe de memorie van antwoord aanleiding gaf. De vragen hebben betrekking op de samenloop van rechtssystemen, de interpretatie van het gedrag van zorgaanbieders, de noodzaak en effect van bestuurs- rechtelijke handhaving en de organisatie en invoering van het nieuwe instrumentarium. Hierna ga ik op de vragen en opmerkingen in, waarbij ik de volgorde en indeling van het verslag aanhoud. Samenloop rechtssystemen De leden van de commissie vragen of een bestuurlijke boete mogelijk is als het OM een strafvordering intrekt of de rechter voorstelt geen straf op te leggen. Afstemming tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke afdoening is in het wetsvoorstel vierde tranche Awb en in het voorstel voor een aanpassingswet vierde tranche Awb als volgt geregeld. Indien voor het feit een strafbeschikking is uitgevaardigd of aan de voorwaarden ter voor- koming van strafvervolging (transactie) is voldaan, dan wel is gedagvaard voor de strafrechter en het onderzoek op de terechtzitting is begonnen, kan geen bestuurlijke boete meer worden opgelegd. Hieruit volgt dat als het OM afziet van strafvervolging, het bestuursorgaan alsnog de gelegen- heid krijgt om te beslissen wel of geen bestuurlijke boete op te leggen. Als het onderzoek ter terechtzitting is aangevangen, is dus een bestuurlijke boete niet meer mogelijk, ook als de strafrechter uiteindelijk geen straf oplegt. In antwoord op vragen van de leden van de commissie over een tijdige beschikbaarheid van het handhavingsarrangement, zijnde de schriftelijke uitwerking van de samenwerking tussen OM en IGZ kan ik melden dat daar op dit moment nog aan wordt gewerkt. Het is nog niet vastgesteld, naar verwachting geschiedt |