Laatste documenten binnen dossier 32132


25-01-2010

HAN8529A02 Behandeling van het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2010) (32128); het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Overige fiscale maatregelen 2010) (32129); het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale vereenvoudigingswet 2010) (32130); het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op de accijns in verband met Richtlijn nr. 2008/118/EG van de Raad van 16 december 2008 (PbEU L 9) (Implementatie horizontale richtlijn accijns) (32031); het wetsvoorstel Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag in verband met de afschaffing van de vliegbelasting (32132), en het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale onderhoudswet 2010) (32133)

Handeling 2009-2010 HAN8529A02

HAN8529A06 Voortzetting van de behandeling van de behandeling van het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2010) (32128); het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Overige fiscale maatregelen 2010) (32129); het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale vereenvoudigingswet 2010) (32130); het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op de accijns in verband met Richtlijn nr. 2008/118/EG van de Raad van 16 december 2008 (PbEU L 9) (Implementatie horizontale richtlijn accijns) (32031); het wetsvoorstel Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag in verband met de afschaffing van de vliegbelasting (32132), en het wetsvoorstel Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale onderhoudswet 2010) (32133)

Handeling 2009-2010 HAN8529A06

23-09-2009

KST134778 Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag in verband met de afschaffing van de vliegbelasting; Voorstel van wet

In het aanvullend beleidsakkoord Werken aan toekomst heeft het kabinet heeft het kabinet besloten de heffing van de vliegbelasting te beëindigen. De nationale vliegbelasting is op 1 juli 2008 ingevoerd om de maatschappelijke kosten van het vliegen meer tot uitdrukking te brengen in de prijs waar dat nog in onvoldoende mate gebeurt, onder meer op grond van milieu-overwegingen. In het kader van de bestrijding van de economische crisis heeft het kabinet de op zich zelf solide argumenten voor invoering van een nationale vliegbelasting opnieuw gewogen. Deze afweging heeft ertoe geleid dat het kabinet, zoals aangegeven in de toelichting bij het Fiscaal stimuleringspakket, heeft besloten de heffing van de vliegbelasting in twee stappen te beëindigen: door het op nul stellen van de tarieven (stap 1) en het daarna afschaffen van de vliegbelasting (stap 2). De beslissing om de vliegbelasting af te schaffen in plaats van het huidige nultarief te handhaven, is ingegeven door de wens van de regering om de betrokken bedrijftakken voor de komende jaren op dit punt zekerheid te bieden. Zowel de invoering van de vliegbelasting per 1 juli 2008 als het op nul stellen van de vliegbelasting per 1juli 2009 vormde voor de bedrijfsvoering van de betrokken ondernemers in de reis- en luchtvaartbranche een ingrijpende gebeurtenis, die ook sterk kon doorwerken in de relatie tussen ondernemer en consument. Bovendien ondervinden deze sectoren zwaar de gevolgen van de economische crisis. Ook wanneer de economie de komende jaren weer aantrekt zou het naar het oordeel van de regering niet juist zijn, de ondernemers in (uitsluitend) de Nederlandse reis- en luchtvaartsector jarenlang in het ongewisse te laten over een eventuele herleving van de per 1 juli 2009 op nul gestelde nationale vliegbelasting, naast de aangekondigde invoering van het ETS waarmee alle reis- en luchtvaartondernemers binnen Europa te maken zullen krijgen. De eerste stap, het op nul stellen van de tarieven van de vliegbelasting, is geregeld in het Fiscaal stimuleringspakket. De inwerkingtreding van deze maatregel was voorzien op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, aangezien de beëindiging van de heffing van de vliegbelasting mede afhankelijk is gesteld van de inzet van luchthaven Schiphol met betrekking tot kostenstructurering. Luchthaven Schiphol heeft, naar de mening van het kabinet, met de door haar gedane toezeggingen ten aanzien van kostenreducerende maatregelen voldoende invulling gegeven aan deze in het aanvullend beleidsakkoord opgenomen voorwaarde. Daarom is bij koninklijk besluit van 1 juli 2009 bepaald dat de maatregel per 1 juli 2009 in werking treedt Het kabinet was voornemens de tweede stap, het afschaffen van de vliegbelasting, te regelen in het Belastingplan 2010. Ter uitvoering van de motie-Leijnse c.s. (Kamerstuk 31301, nr. D, herdruk) wordt het daartoe strekkend wetsvoorstel nu echter niet als onderdeel van een verzamelvoorstel maar afzonderlijk bij de Staten-Generaal ingediend. Voorliggend wetsvoorstel strekt hiertoe.

Kamerstuk 2009-2010 KST134778

KST134780 Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag in verband met de afschaffing van de vliegbelasting; Advies en nader rapport

Kamerstuk 2009-2010 KST134780

KST134779 Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag in verband met de afschaffing van de vliegbelasting; Koninklijke boodschap

Kamerstuk 2009-2010 KST134779

KST134777 Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag in verband met de afschaffing van de vliegbelasting; Memorie van toelichting

In het aanvullend beleidsakkoord Werken aan toekomst heeft het kabinet heeft het kabinet besloten de heffing van de vliegbelasting te beëindigen. De nationale vliegbelasting is op 1 juli 2008 ingevoerd om de maatschappelijke kosten van het vliegen meer tot uitdrukking te brengen in de prijs waar dat nog in onvoldoende mate gebeurt, onder meer op grond van milieu-overwegingen. In het kader van de bestrijding van de economische crisis heeft het kabinet de op zich zelf solide argumenten voor invoering van een nationale vliegbelasting opnieuw gewogen. Deze afweging heeft ertoe geleid dat het kabinet, zoals aangegeven in de toelichting bij het Fiscaal stimuleringspakket, heeft besloten de heffing van de vliegbelasting in twee stappen te beëindigen: door het op nul stellen van de tarieven (stap 1) en het daarna afschaffen van de vliegbelasting (stap 2). De beslissing om de vliegbelasting af te schaffen in plaats van het huidige nultarief te handhaven, is ingegeven door de wens van de regering om de betrokken bedrijftakken voor de komende jaren op dit punt zekerheid te bieden. Zowel de invoering van de vliegbelasting per 1 juli 2008 als het op nul stellen van de vliegbelasting per 1juli 2009 vormde voor de bedrijfsvoering van de betrokken ondernemers in de reis- en luchtvaartbranche een ingrijpende gebeurtenis, die ook sterk kon doorwerken in de relatie tussen ondernemer en consument. Bovendien ondervinden deze sectoren zwaar de gevolgen van de economische crisis. Ook wanneer de economie de komende jaren weer aantrekt zou het naar het oordeel van de regering niet juist zijn, de ondernemers in (uitsluitend) de Nederlandse reis- en luchtvaartsector jarenlang in het ongewisse te laten over een eventuele herleving van de per 1 juli 2009 op nul gestelde nationale vliegbelasting, naast de aangekondigde invoering van het ETS waarmee alle reis- en luchtvaartondernemers binnen Europa te maken zullen krijgen. De eerste stap, het op nul stellen van de tarieven van de vliegbelasting, is geregeld in het Fiscaal stimuleringspakket. De inwerkingtreding van deze maatregel was voorzien op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, aangezien de beëindiging van de heffing van de vliegbelasting mede afhankelijk is gesteld van de inzet van luchthaven Schiphol met betrekking tot kostenstructurering. Luchthaven Schiphol heeft, naar de mening van het kabinet, met de door haar gedane toezeggingen ten aanzien van kostenreducerende maatregelen voldoende invulling gegeven aan deze in het aanvullend beleidsakkoord opgenomen voorwaarde. Daarom is bij koninklijk besluit van 1 juli 2009 bepaald dat de maatregel per 1 juli 2009 in werking treedt Het kabinet was voornemens de tweede stap, het afschaffen van de vliegbelasting, te regelen in het Belastingplan 2010. Ter uitvoering van de motie-Leijnse c.s. (Kamerstuk 31301, nr. D, herdruk) wordt het daartoe strekkend wetsvoorstel nu echter niet als onderdeel van een verzamelvoorstel maar afzonderlijk bij de Staten-Generaal ingediend. Voorliggend wetsvoorstel strekt hiertoe.

Kamerstuk 2009-2010 KST134777