| Bestand |
KST117321
|
| Inhoudsindicatie | Dit wetsvoorstel strekt tot implementatie van de Nota Frequentiebeleid 2005 (kamerstuk 24095, nr. 188). In deze Nota is het frequentiebeleid voor de komende jaren neergelegd, waarbij flexibilisering de rode draad vormt. De belangrijkste aanleiding voor het opstellen van deze Nota was het advies van de Commissie Frequentiebeleid (kamerstuk 24095, nr. 172. Naast dit advies zijn er voor het kabinet meer redenen om het frequentiebeleid aan te passen. Het gebruik van frequenties is onmisbaar voor draadloze communicatie. Draadloze communicatie is van groot belang voor de ontwikkeling van ICT in het algemeen. Door de snelle groei van draadloze communicatie en daaruit voortvloeiende toepassingen en diensten wordt het mogelijk op elke plaats en op elke tijd over de op dat moment gewenste informatie te kunnen beschikken. Door toenemende digitalisering en daaruit voortvloeiende convergentie ontstaan er steeds meer nieuwe diensten op het gebied van ICT en wordt concurrentie bevorderd, waarvan consumenten profiteren door een breder aanbod van diensten en producten, lagere prijzen en een betere kwaliteit. Ook bedrijven kunnen uiteraard profiteren van deze ontwikkelingen. Draadloze communicatie levert daardoor een bijdrage aan de economie en de welvaart. Verder maakt de zich snel ontwikkelende techniek het mogelijk om frequenties steeds beter te benutten, onder meer door frequentiegebruik te delen, door apparatuur zelf te laten zoeken naar "vrije" frequenties en door het "uitsmeren" van zendvermogen over een groot deel van het frequentiespectrum. Het frequentiebeleid zal flexibel moeten kunnen inspelen op deze ontwikkelingen. Op grond van deze wet wordt het mogelijk het frequentieplan zowel wat betreft de inrichting als de totstandkoming te flexibiliseren en daarmee sneller te kunnen inspelen op veranderende omstandigheden. Verder wordt het via het behoefte-onderbouwingsplan voor publieke taken mogelijk om in deze categorie afspraken over medegebruik te regelen. Met de invoering van een nieuw, flexibel verdeelinstrument, de "verdeling op afroep", wordt voor bepaalde frequenties meer ruimte voor de vraag uit de markt geboden. En als laatste voorbeeld van flexibilisering in de wet wordt de ruimere en expliciete experimenteerbepaling genoemd. |
| Rubriek(en) |
Communicatie, media en informatievoorziening Communicatie, media en informatievoorziening |
| Dossier | 31412 nr. 3 |
| Vindplaats | Kamerstuk 2007-2008, 31412, nr. 3, Tweede Kamer |
| Afkomstig van |
|
| Publicatiedatum | 14-04-2008 |
| Datum vaststelling | 09-04-2008 |
| Document-id | KST117321 |
| Omvang | 29 |
| Inhoud |
31 412 Wijziging van de Telecommunicatiewet in verband met de Nota frequentiebeleid 2005 Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING I. ALGEMEEN 1. Doel en aanleiding van het wetsvoorstel Het advies van de Raad van State (van het Koninkrijk) wordt niet openbaar gemaakt, omdat het uitsluitend opmerkingen van redac- tionele aard bevat (artikel 25a, vierde lid, onderdeel b, van de Wet op de Raad van State). Het wetsvoorstel strekt tot implementatie van de Nota Frequentiebeleid 2005 1 , die op 7 november 2005 door de minister van Economische Zaken namens het kabinet aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal werd aangeboden. In deze Nota is het frequentiebeleid voor de komende jaren neergelegd, waarbij flexibilisering de rode draad vormt. De belangrijkste aanleiding voor het opstellen van deze Nota was het advies van de Commissie Frequentiebeleid 2 . Deze commissie was inge- steld om de uit 1995 stammende Nota Frequentiebeleid en het daarop gebaseerde beleid te evalueren en om de Minister van Economische Zaken te adviseren over het toekomstige frequentiebeleid. Naast dit advies zijn er voor het kabinet meer redenen om het frequentie- beleid aan te passen. Het gebruik van frequenties is onmisbaar voor draadloze communicatie. Draadloze communicatie is van groot belang voor de ontwikkeling van ICT in het algemeen. Door de snelle groei van draadloze communicatie en daaruit voortvloeiende toepassingen en dien- sten wordt het mogelijk op elke plaats en op elke tijd over de op dat moment gewenste informatie te kunnen beschikken. Door toenemende digitalisering en daaruit voortvloeiende convergentie ontstaan er steeds meer nieuwe diensten op het gebied van ICT en wordt concurrentie bevorderd, waarvan consumenten profiteren door een breder aanbod van diensten en producten, lagere prijzen en een betere kwaliteit. Ook bedrijven kunnen uiteraard profiteren van deze ontwikke- lingen. Draadloze communicatie levert daardoor een bijdrage aan de economie en de welvaart. Verder maakt de zich snel ontwikke |