Laatste documenten binnen dossier 27506


02-04-2001

KST52227 Goedkeuring van de op 17 november 1997 te Rome tot stand gekomen wijziging van het Internationaal Verdrag voor de bescherming van planten (Trb. 2000, 31); Nota n.a.v. het verslag

Staatssecretaris Faber (LNV) gaat in op vragen en opmerkingen die de vaste commissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft gemaakt in het verslag (kamerstuk 27506, Eerste Kamer, nr. 214a).

Kamerstuk 2000-2001 KST52227

05-02-2001

KST51076 Goedkeuring van de op 17 november 1997 te Rome tot stand gekomen wijziging van het Internationaal Verdrag voor de bescherming van Planten (Trb. 2000, 31); Verslag

De vaste commissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft geen aanleiding gezien tot het stellen van vragen of het maken van opmerkingen. De commissie acht hiermee de openbare behandeling van het wetsvoorstel voldoende voorbereid.

Kamerstuk 2000-2001 KST51076

08-12-2000

KST50056 Goedkeuring van de op 17 november 1997 te Rome tot stand gekomen wijziging van het Internationaal Verdrag voor de bescherming van Planten (Trb. 2000, 31); Advies en nader rapport

Kamerstuk 2000-2001 KST50056

KST50049 Goedkeuring van de op 17 november 1997 te Rome tot stand gekomen wijziging van het Internationaal Verdrag voor de bescherming van Planten (Trb. 2000, 31); Memorie van toelichting

Het in 1951 tot stand gekomen internationale verdrag heeft tot doel te komen tot een gemeenschappelijk en doeltreffend optreden bij de bestrijding van plantenziekten en tot het voorkomen van het binnendringen en verspreiden van plantenziekten in landen. Het verdrag voorziet daartoe onder meer in de oprichting van diensten, het uitwisselen van gegevens omtrenten het optreden van voor planten en plantaardige producten schadelijke ziekten en het verrichten van (wetenschappelijk) onderzoek. De wijziging uit 1997 strekt ertoe, het verdrag overeen te laten stemmen met de op 15 april 1994 te Marrakesh tot stand gekomen Overeenkomst inzake sanitaire en fytosanitaire maatregelen (Trb. 1994, 235). Voorts zijn hierbij de procedures rond de totstandkoming van internationale fytosanitaire standaarden vastgelegd. Voor de internationale handel is de belangrijkste wijziging het opnemen van een nieuwe categorie ziekten, namelijk de gereguleerde niet-quarantaineziekten, naast de reeds bestaande categorieën quarantaine- en niet-quarantaineziekten. Door de introductie van deze nieuwe categorie is het verdrag voor Nederland van groter belang geworden dan voorheen, omdat Verdragsluitende Partijen hierdoor geen strengere eisen meer kunnen stellen aan uitgangsmateriaal dat geïmporteerd wordt dan aan uitgangsmateriaal dat afkomstig is van het eigen grondgebied. Nederland exporteert voornamelijk uitgangsmateriaal. Dit wetsvoorstel strekt ertoe, de wijziging uit 1997 voor Nederland goed te keuren.

Kamerstuk 2000-2001 KST50049

KST50045 Goedkeuring van de op 17 november 1997 te Rome tot stand gekomen wijziging van het Internationaal Verdrag voor de bescherming van Planten (Trb. 2000, 31); Voorstel van wet

Het in 1951 tot stand gekomen internationale verdrag heeft tot doel te komen tot een gemeenschappelijk en doeltreffend optreden bij de bestrijding van plantenziekten en tot het voorkomen van het binnendringen en verspreiden van plantenziekten in landen. Het verdrag voorziet daartoe onder meer in de oprichting van diensten, het uitwisselen van gegevens omtrenten het optreden van voor planten en plantaardige producten schadelijke ziekten en het verrichten van (wetenschappelijk) onderzoek. De wijziging uit 1997 strekt ertoe, het verdrag overeen te laten stemmen met de op 15 april 1994 te Marrakesh tot stand gekomen Overeenkomst inzake sanitaire en fytosanitaire maatregelen (Trb. 1994, 235). Voorts zijn hierbij de procedures rond de totstandkoming van internationale fytosanitaire standaarden vastgelegd. Voor de internationale handel is de belangrijkste wijziging het opnemen van een nieuwe categorie ziekten, namelijk de gereguleerde niet-quarantaineziekten, naast de reeds bestaande categorieën quarantaine- en niet-quarantaineziekten. Door de introductie van deze nieuwe categorie is het verdrag voor Nederland van groter belang geworden dan voorheen, omdat Verdragsluitende Partijen hierdoor geen strengere eisen meer kunnen stellen aan uitgangsmateriaal dat geïmporteerd wordt dan aan uitgangsmateriaal dat afkomstig is van het eigen grondgebied. Nederland exporteert voornamelijk uitgangsmateriaal. Dit wetsvoorstel strekt ertoe, de wijziging uit 1997 voor Nederland goed te keuren.

Kamerstuk 2000-2001 KST50045