| Bestand |
KST120854
|
| Rubriek(en) |
Inkomen en rechtspositie Rechterlijke organisatie |
| Dossier | 31227 nr. 8 |
| Vindplaats | Kamerstuk 2007-2008, 31227, nr. 8, Tweede Kamer |
| Afkomstig van |
|
| Publicatiedatum | 10-07-2008 |
| Datum vaststelling | 03-07-2008 |
| Document-id | KST120854 |
| Omvang | 11 |
| Inhoud |
31 227 Wijziging van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren en enige andere wetten in verband met de flexibilisering en verduidelijking alsmede enkele aanvullingen van de regeling van de rechtspositie van rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding Nr. 8 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen 3 juli 2008 Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: A In artikel I, onderdeel A, onderdeel f, wordt «en waarnemende» vervangen door: en de waarnemende. B Artikel I, onderdeel C, wordt als volgt gewijzigd: a. In artikel 5, vierde lid, wordt «door hem» vervangen door «het door hem» en wordt «Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiploma’s dan wel in de Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen» vervan- gen door: Algemene wet erkenning beroepskwalificaties. b. In artikel 5a, tweede lid, wordt «vrijwilllig» vervangen door: vrijwillig. C In artikel I, onderdeel M, onderdeel b, wordt «dit ambt» vervangen door «indien dit ambt» en wordt «deze functie» vervangen door: indien deze functie. D In artikel I, onderdeel N, wordt na «Ziektewet» ingevoegd: , een uitkering op grond van artikel 74 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. E In artikel I, onderdeel W, wordt «derde lid,» vervangen door: derde lid. Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007–2008 KST120854 0708tkkst31227-8 ISSN 0921 - 7371 Sdu Uitgevers ’s-Gravenhage 2008 Tweede Kamer, vergaderjaar 2007–2008, 31 227, nr. 8 1 F Artikel I, onderdeel CC, komt te luiden: CC Artikel 46i wordt gewijzigd als volgt: a. In het eerste lid, onderdeel c, vervalt telkens «als bedoeld in artikel 46k, eerste lid,». b. Het vijfde lid komt te luiden: 5. In afwijking van het eerste lid kan de rechterlijk ambtenaar, indien de in dat lid bedoelde voorwaarden zijn vervuld en hij hierom verzoekt, worden ontslagen bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister. Voor de rechtsgevolgen wordt dit ontslag gelijkgesteld met een ontslag door de Hoge Raad overeenkomstig het eers |