| Bestand |
KST140995
|
| Rubriek(en) |
Arbeid Welzijn |
| Dossier | 32260 nr. 7 |
| Vindplaats | Kamerstuk 2009-2010, 32260, nr. 7, Tweede Kamer |
| Afkomstig van |
|
| Publicatiedatum | 22-02-2010 |
| Datum vaststelling | 18-02-2010 |
| Document-id | KST140995 |
| Omvang | 7 |
| Inhoud |
32 260 Aanpassing van de Wet investeren in jongeren en enkele andere wetten ter verduidelijking en verbetering van enige punten Nr. 7 NOTA NAAR AANLEIDING VAN HET VERSLAG Ontvangen 18 februari 2010 Met belangstelling heeft de regering kennis genomen van de bijdragen van de leden van de fracties van CDA, SP en ChristenUnie aan het verslag bij het onderhavige wetsvoorstel. De leden leggen de regering enkele vragen en opmerkingen voor met betrekking tot de voorgestelde wijzi- gingen. De commissie geeft aan dat zij – onder voorbehoud van een voldoende beantwoording van de in het verslag gestelde vragen en gemaakte opmer- kingen – de openbare behandeling van het wetsvoorstel voldoende voor- bereid acht. In deze nota naar aanleiding van het verslag reageert de regering op de vragen en opmerkingen van de genoemde fracties. Daarbij is de volgorde van het verslag aangehouden. 1. Algemeen De leden van de fracties van CDA en ChristenUnie hebben met belangstel- ling kennis genomen van de voorgestelde wijzigingen. De leden van de SP-fractie zien nog steeds de meerwaarde van de Wet investeren in jongeren (WIJ) niet in. De leden van de CDA-fractie hechten aan een nauwgezette en gedegen uitvoering van de WIJ. De leden van de fractie van de ChristenUnie willen graag weten hoe de implementatie van de WIJ tot op dit moment verloopt en welke signalen de regering in de tussentijd hierover van de uitvoe- rende organisaties heeft ontvangen. Zoals bekend was de beoogde datum van inwerkingtreding van de WIJ 1 juli 2009. Vanwege het belang van een zorgvuldige implementatie van de wet door gemeenten is bij de schriftelijke behandeling van het wets- voorstel WIJ in de Eerste Kamer besloten tot uitstel van de inwerkingtre- ding tot 1 oktober 2009. Gemeenten zijn van rijkswege gesteund bij de implementatie door middel van regionale voorlichtingsbijeenkomsten en beschikbaarstelling van onder andere een implementatiedraaiboek, een referentiewerkproces, een handreiking, modelbeschikkingen, mode |