| Bestand |
KST56522
|
| Inhoudsindicatie | noodzaak tot aanpassing van de Wet op de economische delicten, voortvloeiend uit de op 28 juni 2001 door de Raad van de Europese Unie vastgestelde verordening nr. 1338/2001 tot vaststelling van maatregelen die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij. |
| Rubriek(en) |
Handel en economie Criminaliteit en openbare orde Criminaliteit en openbare orde Geld |
| Dossier | 28075 nr. 3 |
| Vindplaats | Kamerstuk 2001-2002, 28075, nr. 3, Tweede Kamer |
| Afkomstig van |
|
| Publicatiedatum | 05-11-2001 |
| Datum vaststelling | 25-10-2001 |
| Document-id | KST56522 |
| Omvang | 6 |
| Inhoud |
28 075 Aanpassing van wetten in verband met de vervanging van de gulden door de euro (Veegwet euro) Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING ALGEMEEN Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt, omdat het uitsluitend opmerkingen van redactionele aard bevat (artikel 25a, vierde lid, onderdeel b, van de Wet op de Raad van State) Deze zogenaamde veegwet is nodig om een aantal redenen. De Aanpassingswet euro (Kamerstukken I 2000/01, nr. 27 472, nr. 326) bevat enkele omissies die rechtgezet dienen te worden. In de Aanpassingswet euro zijn enkele wettelijke bepalingen nog niet opgenomen die nu wel in deze veegwet kunnen worden meegenomen. Daarnaast bleek er behoefte te zijn aan een vangnetbepaling voor gevallen waarbij een wet de bevoegdheid geeft om een tarief of een ander bedrag bij algemene maat- regel van bestuur of bij ministeriële regeling aan te passen. Tevens bevat deze veegwet een aanpassing van de Wet op de economische delicten die voortvloeit uit de op 28 juni 2001 door de Raad van de Europese Unie vastgestelde verordening tot vaststelling van maatregelen die noodzake- lijk zijn voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (nr. 1338/ 2001). ARTIKELSGEWIJS Artikel I A 1. In de rijen 1 tot en met 3, 8 tot en met 10 en 15 tot en met 17 is het artikel- nummer zoals vermeld in kolom C aangepast aan de wet van 14 juni 2001 tot wijziging van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (pensioenopbouw, waarde-overdracht en waarde-overname alsmede enige andere onderwerpen) (Stb. 2001, nr. 364) waarin de gewijzigde tekst van de artikelen 13a, 58a en 138 is verplaatst naar de artikelen 14, 59 en 139. In de rijen 77 tot en met 83, 90, 91, 95 zijn de salarissen van ministers en staatssecretarissen, de Nationale Ombudsman, de Raad van State en de Algemene Rekenkamer vermeld die zijn aangepast bij de meest recente formalisering van de collectieve arbeidsovereenkomst voor de sector Rijk. Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2001–2002 KST56522 ISSN |