In onderhavige brief stellen de leden van de vaste commissie voor Justitie dat behandeling van de twee genoemde wetsvoorstellen 28746 en 31065, in verband met noodzakelijke zorgvuldigheid, voor het zomerreces niet realistisch is. Ze vragen om uitstel tot na aanvaarding van de Invoeringswet titel 7.13 BW door de Tweede Kamer.
Kamerstuk 2007-2008 KST118306Kamerstuk 2006-2007 KST106937
Kamerstuk 2005-2006 KST93862
Kamerstuk 2005-2006 KST90011
Kamerstuk 2004-2005 KST86531
Agenda 2004-2005 OVG1231
Kamerstuk 2004-2005 KST83721
Handeling 2004-2005 HAN7789A11
Handeling 2004-2005 HAN7786A09
Agenda 2004-2005 OVG1203
Agenda 2004-2005 OVG1199
Kamerstuk 2003-2004 KST75767
Kamerstuk 2003-2004 KST75766
De fracties binnen de vaste commissie voor Justitie hebben een aantal vragen en opmerkingen over het wetsvoorstel.
Kamerstuk 2002-2003 KST68814Dit wetsvoorstel strekt tot vaststelling van titel 7.13 van het Burgerlijk Wetboek, waarin het begrip vennootschap nauw wordt omschreven. De titel wordt in acht afdelingen onderverdeeld: - afdeling 1 bevat algemene bepalingen rondom de drie soorten vennootschappen: openbare vennootschap met rechtspersoonlijkheid, openbare vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid en stille vennootschap; - afdeling 2 geeft regels over inbreng en vennootschapsgoederenrecht; - afdeling 3 heeft betrekking op de handelingsbevoegdheid van besturende vennoten, zowel binnen de vennootschap als daarbuiten; - afdeling 4 gaat over het voeren van administratie en de verdeling van winst en verlies; - afdeling 5 bevat regels over gehele en partiƫle ontbinding, alsmede voortzetting van de vennootschap en toetreding van een nieuwe vennoot; - afdeling 6 gaat over vereffening en verdeling; - afdeling 7 is gewijd aan de gekozen rechtsvorm en de mogelijkheden om van rechtsvorm te wijzigen; - afdeling 8 bevat enkele bepalingen met betrekking tot de commanditaire vennootschap.
Kamerstuk 2002-2003 KST66192Kamerstuk 2002-2003 KST66194
Dit wetsvoorstel strekt tot vaststelling van titel 7.13 van het Burgerlijk Wetboek, waarin het begrip vennootschap nauw wordt omschreven. De titel wordt in acht afdelingen onderverdeeld: - afdeling 1 bevat algemene bepalingen rondom de drie soorten vennootschappen: openbare vennootschap met rechtspersoonlijkheid, openbare vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid en stille vennootschap; - afdeling 2 geeft regels over inbreng en vennootschapsgoederenrecht; - afdeling 3 heeft betrekking op de handelingsbevoegdheid van besturende vennoten, zowel binnen de vennootschap als daarbuiten; - afdeling 4 gaat over het voeren van administratie en de verdeling van winst en verlies; - afdeling 5 bevat regels over gehele en partiƫle ontbinding, alsmede voortzetting van de vennootschap en toetreding van een nieuwe vennoot; - afdeling 6 gaat over vereffening en verdeling; - afdeling 7 is gewijd aan de gekozen rechtsvorm en de mogelijkheden om van rechtsvorm te wijzigen; - afdeling 8 bevat enkele bepalingen met betrekking tot de commanditaire vennootschap.
Kamerstuk 2002-2003 KST66190Kamerstuk 2002-2003 KST66193