| Bestand |
KVR35341
|
| Inhoudsindicatie | Vragen naar aanleiding van een artikel (SC/Staatscourant, 4 februari 2009) naar aanleiding van het feit dat Saoedi-Arabië een rechterlijk vonnis tot het voldoen van een vordering van een schuldeiser heeft genegeerd. Indiener wijst op de conclusie van het artikel dat deurwaarders niet binnenkomen in diplomatieke kringen. In het artikel stelt een gerechtsdeurwaarder dat de bewindslieden van Justitie te snel beslagleggingen verbiedt wegens strijd met de volkenrechtelijke verplichtingen van de Staat [Aanzegging ex-artikel 3a, tweede lid van de Gerechtsdeurwaarderswet, inzake ambassadeurswoning Saoedi-Arabië; Staatscourant 2009, 10]. Indiener wil weten hoe schulden op vreemde mogendheden verhaald kunnen worden. |
| Rubriek(en) |
Internationale betrekkingen Rechterlijke organisatie |
| Vindplaats | Kamervragen met antwoord 2008-2009, nr. 1803, Tweede Kamer |
| Publicatiedatum | 16-03-2009 |
| Datum indiening | 09-02-2009 |
| Datum reactie | 05-03-2009 |
| Omvang | 1 |
| Vraagnr. bij indiening | 2080912560 |
| Indiener |
|
| Inhoud |
1803 Vragen van het lid De Wit (SP) aan de minister en de staatssecretaris van Justitie over wanbetalers in diplomatieke kringen. (Ingezonden 9 februari 2009) 1 Kent u het bericht «Deurwaarder komt niet binnen in diplomatieke kringen»? 1 2 Is het waar dat de rechter vorig jaar heeft bepaald dat Saoedi-Arabië de vordering van een schuldeiser moest voldoen, maar dat deze vordering tot dusver niet is voldaan? Kunt u toelichten waarom u heeft verhinderd dat de deurwaarder beslag zou leggen? 2 3 Hoe vaak heeft u de afgelopen jaren gebruik gemaakt van uw aanzeggingsbevoegdheid op basis van artikel 3a van de Gerechtsdeurwaarderswet, waarmee beslaglegging kan worden verhinderd? 4 Is het waar dat wanbetalers in diplomatieke kringen vaker vrijuit gaan omdat het nauwelijks mogelijk is schulden te verhalen? Hoe komt dat? 5 Hoe beoordeelt u het verwijt van de gerechtsdeurwaarder 1 dat u mogelijk te snel beslagleggingen verbiedt wegens strijd met de volkenrechtelijke verplichtingen van de Staat, dit tegen de achtergrond van bestaande jurisprudentie waarbij de rechter een andere uitleg aan de geldende bepalingen geeft? In hoeverre zijn diplomaten en vreemde mogendheden immuun voor het afdwingen van betalingsverplichtingen, zoals het leggen van beslag? 6 Hoe moeten schulden verhaald worden op vreemde mogendheden en diplomaten? Welke mogelijkheden hebben hun schuldeisers? 7 Kunt u uitsluiten dat diplomaten vanwege het immuniteitsbeginsel zich minder verantwoordelijk zullen gedragen, en dat zij schulden kunnen maken in de wetenschap dat het voor de schuldeiser lastig is een schuld te innen? 8 Wat gaat u ondernemen om ervoor te zorgen dat ook diplomaten en vreemde mogendheden, net als ieder ander, hun schulden betalen en dat dit desnoods ook juridisch afgedwongen kan worden? Bent u bereid hierover zo nodig in internationaal verband te overleggen? Zo nee, waarom niet? 1 Staatscourant, 4 februari 2009. 2 Aanzegging ex-artikel 3a, tweede lid van de Gerechtsdeurwaarderswet. Staatscoura |